Zwaar, vermoeid, uitgeblust
De weg, de keien, drukkend in voeten
die lopen, die dwalen,
de adem vergeet adem te halen
Hangend, hijgend, zuchtend in ledige leegheid
Zwijgend, zwoegend, zoekend naar rust
Lusteloos richt mijn hoofd zich op, mijn oog starend
Ik zie

Ik adem in, adem uit
Nieuwe levensstroom
Stilte stroomt, streelt, vult mijn ziel
Zijn arm omarmd de leegte
Vult mijn ziel met Licht,
lichter, feller dan zon
Ik ben omarmd
door Vrede
Rustend in de stilte
Kom ik thuis

©Wendyvanschaik2014